Wall of debt: bestuurders en commissarissen moeten op zoek naar andere geldaanbieders

Finance

Het internationale bedrijfsleven ziet een golf van aflopende leningen op zich afkomen. Herfinanciering is problematisch omdat banken minder scheutig zijn met het verlenen van krediet. Maar naast de banken zijn er ook andere aanbieders van geld, zegt PwC-partner Pieter Veuger.

De wall of debt bestaat voor een groot deel uit leningen die zes tot zeven jaar geleden werden aangegaan. In die tijd van economische hoogconjunctuur, financierden onder meer private equity-partijen bedrijfsovernames met zogenoemde leveraged buyout-leningen. Private equity fondsen hebben gefinancierd met een horizon van ongeveer vijf tot tien jaar. Er zijn veel leningen afgesloten die nu aflopen. Het gaat om gigantische bedragen die afgelost of opnieuw geleend moeten worden.

Het probleem is echter dat de banken te maken hebben met de verhoogde kapitaaleisen van Basel III en dus minder kredieten verstrekken. In het recente verleden wisten banken delen van die leningen door te verkopen om zo meer kredietruimte te creëren, maar ook dat is tegenwoordig lastig. De markt voor deze investeringsvehikels ligt stil. De leningen blijven dus op de balansen van de banken staan, als ze niet doorverkocht worden, terwijl Basel III juist kortere balansen voorschrijft.

De vraag is wat bedrijven die voor een herfinancieringsprobleem staan, moeten doen nu de banken geen kredieten willen en vooral kunnen verstrekken? Het antwoord ligt in het zoeken van andere aanbieders van geld. Die aanbieders zijn niet verdwenen. En de aanbieders hebben ook een probleem omdat hun geld niet of nauwelijks rendeert bij de banken. Dus zij zijn ook op zoek naar alternatieven.
Een alternatief is bijvoorbeeld de uitgifte van obligaties. Aan het uitgeven van obligaties zitten soms hoge kosten voor het opstellen van een prospectus of het inhuren van een rating agency. Daarom kwamen obligatie-uitgiftes vroeger alleen van hele grote partijen. Nu zie je ook minder grote bedrijven dat doen.

Ook het aantal zogenoemde private placements neemt toe. Daarbij worden effecten direct en onderhands aan een beperkt aantal institutionele of andere private beleggers aangeboden. Dit is een praktijk die in de VS heel gebruikelijk is, en die je nu ook hier steeds meer tegen komt. Voor kleine partijen geldt dat crowd funding steeds populairder wordt.

Partijen zullen dus op zoek moeten naar de optimale oplossing om ‘hun’ eigen schuldmuur te slechten. Niet alleen bestuur, maar ook commissarissen zullen zich goed rekenschap moeten geven van dit probleem en de mogelijke oplossingen. Want gemakkelijk is het niet. Een private placement is niet zomaar geregeld. Deze manier van financieren vereist andere relaties met investeerders dan bedrijven eerder onderhielden. Het betekent bijvoorbeeld dat je soms letterlijk in zaaltjes met investeerders moet praten.

actueel.nl.pwc.com

Auteur(s)
Pieter Veuger
Dit artikel is gepubliceerd in
gu2012-03

Nationaal Register

Jan van Nassaustraat 93
2596 BR Den Haag
T 070-324 30 91
info@nationaalregister.nl

Volg ons op social media

Governance Update nieuwsbrief