Vijf jaar decentralisatie jeugdzorg: waar staat de raad van toezicht?

Zorggovernance
NVTZ-enquête blikt terug en vooruit

Raden van toezicht signaleren een aantal probleemgebieden in jeugdzorgorganisaties sinds de decentralisatie: financiering, een hogere administratieve lastendruk en werkdruk, moeite om personeel aan te trekken en gebrek aan innovatie, zo blijkt uit een enquête van de NVTZ. Maar liefst 88% van de ondervraagde zorgtoezichthouders weet niet of de sector binnen deze context kan voldoen aan de maatschappelijke opgave.

Vijf jaar zijn verstreken sinds de decentralisatie van de jeugdzorg op 1 januari 2015. Het zijn vijf bewogen jaren geweest, die veel gevergd hebben van zowel bestaande als nieuwe (jeugd)zorgaanbieders en hun raden van toezicht. Het beoogde doel van de decentralisatie was meerledig:

  1. een vereenvoudigd jeugdzorgstelsel dat efficiënter en effectiever werkt aan het versterken van de eigen kracht van jongeren en het probleemoplossend vermogen van diens sociale omgeving;
  2. dat ieder kind verzekerd is van bescherming en zorg - nodig voor zijn of haar welzijn - en toegang heeft tot voorzieningen in de gezondheidszorg.

Welke thema’s vragen om verdieping?

De afgelopen jaren verschenen meerdere berichten in de media en (evaluatie)rapporten van onder meer de Inspectie Jeugd en Gezondheid en het ministerie van Justitie en Veiligheid waarin gesteld wordt dat de decentralisatie tot forse problemen heeft geleid. Opvallend is dat in deze publicaties de rol van de raden van toezicht niet of nauwelijks wordt genoemd. Dit terwijl de rol van toezichthouders juist steeds belangrijker is geworden, bijvoorbeeld in het bevragen en adviseren van bestuurders, die de balans moeten houden tussen de maatschappelijke doelstellingen en de continuïteit van de organisatie. Voor de NVTZ, toezichthouders in zorg en welzijn,  een reden om eind 2019 via een enquête onder raden van toezicht in de jeugdzorgsector terug te kijken op de afgelopen periode en de thema’s op te halen waar raden van toezicht de komende tijd meer verdieping in zou willen. Hieronder beschrijven we de meest relevante uitkomsten.

Resultaten enquête: wisselend beeld, gedeelde zorgen’

In totaal hebben 61 toezichthouders de enquête ingevuld. Uit de reacties blijkt dat er wisselend gekeken wordt naar het effect van de transitie, bijvoorbeeld op de continuïteit van de eigen organisatie. Van de respondenten zegt 43% zich weinig tot geen zorgen te maken over de continuïteit van de organisatie, tegenover 56% die aangeeft zich hier op de korte of lange termijn wel zorgen over te maken. 

Ingewikkelde aanbestedingsprocedures en korte contracten

Gevraagd naar de gebieden waarop de organisatie aanmerkelijke problemen ervaart, blijken veelgenoemde thema’s: de financiering van de zorg, ingewikkelde aanbestedingsprocedures en korte contracten. Ook ervaren organisaties een verhoging in de administratieve lasten en zien zij een hoge werkdruk onder medewerkers. Het blijkt bovendien zeer lastig om geschikt personeel aan te trekken. Tot slot wordt aangegeven dat er weinig tijd en/of geld is om te kunnen innoveren binnen de zorg. 

Maatschappelijke doelstelling staat centraal

Daartegenover komt uit de enquête ook een beeld naar voren van zeer betrokken en gedreven toezichthouders, die in 95% van de gevallen aangeven de maatschappelijke doelstelling van de organisatie voldoende aan bod te laten komen in hun vergaderingen. Ook voor gesprekken omtrent de vernieuwing van de zorg wordt in de meeste gevallen voldoende tijd gemaakt (78%). Richting de toekomst bestaan er echter ook zorgen: 88% van de respondenten weet niet of het in de sector -binnen de huidige context - haalbaar is om ook daadwerkelijk te kunnen voldoen aan de maatschappelijke opgave.

Behoefte aan best practices, professionalisering en gedeelde visie- en beleidsvorming

De NVTZ heeft gevraagd wat zij de komende tijd zou kunnen betekenen voor de raden van toezicht om hen te ondersteunen in de uitvoering van hun taak. Vanuit de reacties zijn een drietal thema’s gedestilleerd die in grote mate terugkeren, namelijk:

  1. Er is behoefte aan meer uitwisseling van kennis en ervaring (best practices) om van elkaar te leren en een collegiaal netwerk te kunnen vormen.
  2. Er is behoefte aan verdere professionalisering, zowel ten aanzien van de rol van de raad van toezicht in een veranderende omgeving in het algemeen of ten tijde van crisis, als meer inhoudelijk op specifieke thema’s die zijn toegespitst op een deel van de sector.
  3. Er is behoefte aan gedeelde visie- en beleidsvorming, waarmee instellingen samen kunnen optrekken richting de politiek, gemeenten en andere partijen.

Blik op de toekomst

Vanuit de NVTZ nemen we de opbrengsten van de enquête mee in de plannen voor 2020 en zullen we waar mogelijk invulling geven aan de geformuleerde behoeften. Zo zullen we in het voorjaar aftrappen met een bijeenkomst voor de sector jeugdzorg, waarin tevens ruimte zal zijn om de uitkomsten van de enquête nader toe te lichten en met elkaar te bespreken.

Klik hier voor meer informatie.  

Auteur(s)
NVTZ
Dit artikel is gepubliceerd in
GU2020feb

Nationaal Register

Jan van Nassaustraat 93
2596 BR Den Haag
T 070-324 30 91
info@nationaalregister.nl

Volg ons op social media

Governance Update nieuwsbrief