Publieke verantwoording langs Deming-circle

Boekbespreking

Jacques Gerards, directeur Bureau Bestuurlijk Advies, bespreekt dit keer geen boek maar een brochure: Publiek verantwoorden, handreikingen voor openheid in goed bestuur. Een publicatie van het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Aanbevolen? Ja, maar wel met de nodige kanttekeningen.

Guusje ter Horst, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, roept in het voorwoord bestuurders op de leidende rol te nemen als het erom gaat de omgeving in de keuken te laten kijken. Ze heeft het dan over bestuurders in de brede zin van het woord: overheden, woningcorporaties, zorginstellingen, universiteiten, onderwijsvoorzieningen...

Doel van de brochure is bij te dragen aan het opzetten of verbeteren van de publieke verantwoording van overheden en maatschappelijke organisaties door concrete handreikingen hiervoor te bieden. Dat zijn breed toepasbare tips en trucs die met hulp van ervaringsdeskundigen zijn opgesteld.

De brochure opent met het beantwoorden van de vraag: wat is publieke verantwoording? In dit antwoord wordt een interessante visie ontwikkeld. Vanuit het verrichten van een publieke taak met dito verantwoordelijkheid volgt publieke verantwoording, die in een feedback-loop vormgegeven kan worden. Drie perspectieven horen daarvan een onderdeel te zijn:

  • de gerichtheid op de klant (het individuele belang)
  • de relatie met de samenleving (het maatschappelijke belang)
  • de relatie met de overheid en politiek (het publieke belang).

Deze feedback-loop blijkt een variant op de Deming circle te zijn: informatieverschaffing, discussie voeren, oordelen, beleid bijstellen en tot slot het verankeren van deze cyclus.

De volgende vraag luidt: aan wie zal ik me publiek verantwoorden? In antwoord daarop wordt verwezen naar de Belanghouders Identificatie (BID) Tool, een instrument waarmee belanghouders en belanghebbenden worden onderscheiden en binnen deze groepen kan classificeren.

Logisch zou zijn dat na de ‘waarom’- en ‘wie’-vraag, de vraag zou komen naar het ‘wat’: wat is de inhoud van datgene dat verantwoord wordt? Deze vraag ontbreekt. De brochure vervolgt met de vraag naar het ‘hoe’: welke instrumenten kan ik gebruiken? De instrumenten die besproken worden zijn: visitatie, benchmarken, cliëntenraad, kwaliteitspanel, kwaliteitshandvest en ombudsman. Aan elk instrument is een praktisch stappenplan toegevoegd. De brochure sluit af met een lijst van bronnen in literatuur en webpagina’s (meer weten) en contactgegevens van een aantal organisaties.

Mijn oordeel:
Plussen: praktijkgericht en actueel overzicht van instrumenten die ingezet kunnen worden in de publieke “verantwoording”, toegankelijk van inhoud.
Minnen: het gemis van de inhoud van de publieke verantwoording op een abstractieniveau dat voor allerhande overheden en maatschappelijke organisaties identieke elementen kent. De lijst van organisaties is zeer willekeurig en verre van compleet, wat betreft organisaties die over publieke verantwoording publiceren en instrumenten in de markt zetten.
Aanbevolen: ja, informatief en biedt overzicht.

De brochure is te bestellen bij het ministerie van Binnenlandse Zaken: 070 426 75 88.

Auteur(s)
Jacques Gerards
Dit artikel is gepubliceerd in
gu2008-04

Nationaal Register

Jan van Nassaustraat 93
2596 BR Den Haag
T 070-324 30 91
info@nationaalregister.nl

Volg ons op social media

Governance Update nieuwsbrief