Nieuwe regels btw, wat moet de RvC daarmee?

Fiscaal

Met ingang van 1 januari 2013 worden alle bezoldigde commissarissen en leden van raden van toezicht btw-plichtig. Dit omdat de Nederlandse regelgeving in lijn moet worden gebracht met de Europese regels voor btw-ondernemerschap.

Voor een belangrijk deel gaat het om veranderingen voor individuele commissarissen, maar ook de raad van commissarissen zal de btw-aanpassingen vóór het einde van 2012 op de agenda moeten zetten om de beloningen exclusief btw vast te stellen en afspraken te maken over de administratieve verwerking.

Voor wie?

De meeste commissarissen worden in de praktijk uitbetaald via de salarisadministratie van de organisatie waar zij commissaris zijn, omdat de Belastingdienst de functie van commissaris aanmerkt als een fictieve dienstbetrekking. Dit is ook de groep die nu te maken krijgt met nieuwe btw-regels. Voor een klein deel van de naar schatting 8.000 Nederlandse commissarissen die nu ook al btw in rekening brengen, verandert er niets. Zij sturen zelf een factuur voor hun vergoeding,  verhoogd met btw, omdat zij de toezichthoudende werkzaamheden vanuit hun eigen onderneming verrichten. Het komt ook voor dat de commissarissenbeloning wordt gefactureerd door een andere onderneming, omdat het om een toezichthoudende functie gaat die verband houdt met de hoofdfunctie van de commissaris.

Wat verandert er voor de commissaris in fictieve dienstbetrekking?

  • De beloning wordt ook in 2013 via de salarisadministratie uitbetaald,
  • De commissaris moet zich per 1 januari 2013 aanmelden als btw-ondernemer bij de Belastingdienst,
  • Er moeten btw-facturen worden opgemaakt, in de regel één factuur per salarisbetaling, dus maximaal twaalf per jaar. Er wordt 21% btw berekend over de beloning en alle kostenvergoedingen,
  • De organisatie betaalt de verschuldigde btw aan de commissaris. Over de btw-uitbetaling wordt geen loonheffing ingehouden;.
  • De commissaris doet – meestal per kwartaal – btw-aangifte bij de Belastingdienst en draagt de verschuldigde btw af aan de Belastingdienst. De commissaris kan daarbij de btw verrekenen over de kosten die hij heeft gemaakt ten behoeve van het commissariaat;
  • De commissaris moet een (summiere) btw-administratie bijhouden en zeven jaar bewaren.

Uitzonderingen

  • Een commissaris met geringe btw-belaste inkomsten (tot circa € 7.500 per jaar) kan onder voorwaarden een ontheffing van administratieve btw-verplichtingen aanvragen op grond van de Kleineondernemersregeling. In dat geval brengt de commissaris geen btw in rekening;
  • Als de commissaris niet in Nederland woont, dan behoeft hij zich niet aan te melden als btw-ondernemer. De verschuldigde btw wordt afgedragen door de organisatie waar hij commissaris is.

Voor sommige commissarissen met een eigen onderneming kan deze verandering in de btw-regels aanleiding zijn om de werkzaamheden als commissaris toe te voegen aan de eigen onderneming. Dan wordt de fictieve dienstbetrekking beëindigd en wordt de beloning van de commissaris in het vervolg door de onderneming van de commissaris gefactureerd. In dat geval moet de commissaris wel een Verklaring Arbeids Relatie (VAR-wuo of VAR-dga) van de Belastingdienst overleggen.

Wat moet de RvC met de nieuwe btw-regels?

Er zijn twee punten die vóór eind 2012 de aandacht van de raad van commissarissen vragen :

  • Zijn er beloningsbedragen exclusief btw vastgesteld ? Moet er iets worden gewijzigd in het beloningsbeleid?; 
  • Het maken van praktische afspraken met de organisatie over de facturering van de btw.

Wat wordt per 1 januari 2013 de beloning exclusief btw ?

Deze vraag lijkt eenvoudig te beantwoorden, maar in de praktijk kan dat lastig zijn. In het bedrijfsleven is het gebruikelijk dat beloningsafspraken exclusief btw zijn, dus dan behoeft er geen nieuwe afspraak te worden gemaakt. Vaak is de btw volledig verrekenbaar voor de organisatie, dus de btw-heffing leidt ook niet tot hogere kosten voor de organisatie. Als het toch noodzakelijk is om de beloningsafspraken aan te passen, dan zal deze wijziging aan het bevoegde orgaan (meestal de aandeelhoudersvergadering) moeten worden voorgelegd.

Not-for-profit

In de not-for-profitsector komt het voor dat de beloningen inclusief btw zijn vastgesteld, omdat de btw niet verrekenbaar is voor de organisatie. De motivering daarvoor is een streven naar gelijke totale kosten per commissaris en niet een gelijkwaardige bruto beloning. De kleine groep van btw-plichtige commissarissen ontvangt in die situaties nu een lagere bruto-beloning in vergelijking met de collega-commissarissen. Het komt ook voor dat er geen afspraken zijn gemaakt over de btw omdat de organisatie tot nu toe geen btw-plichtige commissarissen had. In deze situaties zal er dus moeten worden gekeken naar de beloningsafspraken.

Ook de beloningscodes voor de diverse branches in de publieke sector kennen op dit moment een onderling verschillende btw-behandeling. De verenigingen van toezichthouders in de zorg (NVTZ) en woningcorporaties(VtW)  (totaal meer dan 5.000 leden) zullen in november 2012 aan hun leden voorstellen om de tot nu toe gehanteerde maximumbeloningen in de beloningscodes als exclusief btw aan te merken, omdat het niet redelijk is om deze nieuwe btw-lasten in mindering te brengen op de beloning van de commissarissen. Als deze voorstellen worden aangenomen, is daarmee de trend gezet voor een groot deel van de commissarissen.

Als de in de beloningscodes opgenomen bedragen exclusief btw zijn, dan ligt het voor de hand dat een raad van commissarissen ook besluit om de beloning in 2012 te beschouwen als beloning exclusief btw per 1 januari 2013. Er moet daarbij wel worden bekeken of de nieuw vast te stellen bedragen binnen de nieuw vastgestelde maxima van de beloningscodes vallen. Verder kan een raad van commissarissen uiteraard zelf om andere redenen besluiten om de btw geheel of gedeeltelijk in mindering op de beloning te brengen.

Wie maakt de btw-factuur op ?

De regelgeving biedt twee mogelijkheden: de commissaris maakt zelf de btw-factuur op, of de organisatie zorgt daarvoor. Dit laatste wordt selfbilling genoemd. De raad van commissarissen zal afspraken moeten maken met de organisatie over de te volgen methode. Deze afspraak geldt dan voor alle commissarissen. Om commissarissen administratief zoveel mogelijk te ontzorgen, heeft selfbilling de voorkeur voor commissarissen met een fictieve dienstbetrekking. De organisatie maakt dan de btw-factuur op aan de hand van de gegevens op de loonstrook en verstrekt de factuur aan de commissaris. De berekende btw wordt bij voorkeur gelijk met het honorarium uitbetaald aan de commissaris. Als de commissaris een ontheffing heeft op grond van de Kleineondernemersregeling, dan wordt geen btw berekend. Een bijzondere vorm van selfbilling ontstaat als de loonstrook zodanig wordt aangepast dat deze ook als btw-factuur kan gelden. Of dat praktisch en technisch uitvoerbaar is, zal door de organisatie moeten worden beoordeeld. Als er geen fictieve dienstbetrekking is, dan maakt de onderneming van de commissaris of zijn werkgever de factuur op voor het honorarium en eventuele kostenvergoedingen, verhoogd met btw.

Invloed van de Wet Normering Topinkomens (WNT)

Ook moet er bij het beloningsbeleid nog rekening worden gehouden met de veranderingen vanuit de Wet Normering Topinkomens (WNT) in de publieke sector. Voor commissarissen zijn de volgende veranderingen voorzien:

  • De maximumbeloning van commissarissen wordt 5% van het maximale norminkomen van de bestuurder. Voor een RvC-voorzitter is dit 7,5%;
  • Het inkomen van een bestuurder van een grote organisatie wordt gemaximeerd op de Balkenende-norm (maximaal € 228.599 per 1 januari 2013 als totaal van het bruto-inkomen, pensioenlasten, bijtelling privégebruik auto en andere kostenvergoedingen). De maximumbeloning van een commissaris komt dan op € 11.429 en voor een voorzitter op € 17.144. Het is op dit moment nog steeds onduidelijk of deze normbedragen voor commissarissenvergoedingen in- of exclusief btw zijn;
  • Voor bestuurders (en dus ook commissarissen) van kleinere organisaties worden lagere maxima vastgesteld door de minister die verantwoordelijk is voor de betreffende sector. Deze zijn nog niet bekend.

Nu de eerste kamer de WNT op 13 november 2013 heeft aangenomen,  zullen deze beloningsmaxima direct moeten worden toegepast voor alle commissarissen die na 6 december 2011 zijn (her-) benoemd.

Verdere verlaging norm voor topinkomens

In het regeerakkoord van 29 oktober 2012 is aangekondigd dat de norm voor bestuurdersbeloningen zal worden gesteld op 100% van een ministersalaris in plaats van de 130% die nu in de WNT wordt opgenomen. Bovendien is het de intentie om beloningen van bestuurders van woningcorporaties sneller aan te passen aan de nieuwe norm. De WNT is op 6 november in de Eerste Kamer behandeld. Minister Plasterk heeft aangegeven dat een verdere verlaging van de norm van 130 % naar 100% plus de uitbreiding van de doelgroep naar alle hoge inkomens (dus niet alleen voor bestuurders) later aan de orde zal komen. Dat zal dus nog wel een paar jaar duren, want eerst zullen de effecten van de WNT een beetje duidelijk moeten zijn.
 

Auteur(s)
Henk Jan van den Bosch
Dit artikel is gepubliceerd in
gu2012-08

Nationaal Register

Jan van Nassaustraat 93
2596 BR Den Haag
T 070-324 30 91
info@nationaalregister.nl

Volg ons op social media

Governance Update nieuwsbrief