Is het commissariaat toe aan verjonging?

Governance Radar

Meer jonge commissarissen is wenselijk, maar we moeten niet dromen over een total make-over om het toezicht er per se jonger uit te laten zien. Het gaat niet om leeftijd, maar om diversiteit.     

De jongste commissaris van Nederland was ooit Jessica Evers (1981). Ze was vijftien toen ze commissaris werd bij Ben & Jerry’s. De ijsfabrikant wilde met Jessica iemand in huis halen die ‘nieuwe jeugdtrends’ kon signaleren, een frisse inbreng zou hebben en een  goede kijk op haar eigen generatie zou meebrengen. Dat is immers een belangrijke doelgroep voor ijsjes. En het was natuurlijk ook gewoon een leuke publiciteitsstunt voor een bedrijf dat alles anders deed, dus ook de governance.

‘Die buttons zijn alweer uit’

Jessica kon bijvoorbeeld vertellen dat buttons alweer op hun retour waren, toen de directie van Ben & Jerry’s die wilden inzetten voor een grote promotieactie. Dat hadden de andere commissarissen nooit kunnen weten. Of ze hadden het aan hun eigen pubers moeten vragen natuurlijk. Dat kan ook. Jessica zat overigens  in de raad zonder hoofdelijk aansprakelijk te zijn, maar dat is logisch. Een minderjarige scholier kan natuurlijk niet dezelfde verantwoordelijkheid dragen als haar volwassen toezichtcollega’s. Een paar jaar later werd Ben & Jerry’s overgenomen door Unilever en kwam er een einde aan het pubercommissariaat. Al had het natuurlijk leuk geweest als Jessica gelijk met de overname was overgestapt naar de raad van commissarissen van Unilever…

Blockchain, scrum en agile

Of toch niet? We roepen in dit e-zine regelmatig op tot de noodzaak van verjonging van het commissariaat. Want snappen oudere commissarissen nog wel wat begrippen inhouden als  blockchain, scrum en agile? En als dat niet zo is, kunnen ze dan nog wel goed toezicht houden in een tijd die in het teken staat van disruptieve innovatie

In de mode

Een legitieme vraag, maar het is ook wel een beetje mode om te roepen dat de boardroom toe is aan een verjongingskuur. En is het is misschien ook wel een beetje té gemakkelijk om alle problemen in het toezicht (en die zijn er in overvloed!) toe te schrijven aan de leeftijd van de gemiddelde commissaris (62) en het daar verder bij te laten.   

In het juninummer van Governance Update schreven we nog een vlammend betoog voor meer jonge commissarissen. Laten we nu eens de andere kant van de zaak bekijken. Wat tegenspraak organiseren. Dat past immers ook heel goed bij het commissariaat en boardroom dynamics.

‘Leeftijd is maar een getal’

Allereerst ventileerde John Hijmans, Partner BDO Risk Services, in het septembernummer van Governance Update de volgende mening:  

‘De meeste raden van commissarissen hebben een traditionele samenstelling. Verjonging en meer verscheidenheid zou goed zijn, maar noodzakelijk is het niet. Voorop staat relevante ervaring, dat zal ook altijd zo blijven. Specifieke branchekennis is daarbij een belangrijke factor: je moet de business begrijpen om risico’s te onderkennen en het bestuur uit te dagen. Maar daarnaast is het goed om te kijken naar de samenstelling van een raad van commissarissen. Leeftijd is uiteindelijk ook maar een getal: een oudere commissaris kan erg jong van geest zijn. Het is veel belangrijker om naar de competenties in een team te kijken en of deze complementair zijn aan elkaar. Iemands leeftijd, geslacht of etnische achtergrond is minder belangrijk.’

Old skool  en new skool

‘Leeftijd is maar een getal’, zegt Hijmans en daar heeft hij een punt. Mijntje Lückerath (1968), zelf commissaris bij onder meer Achmea, stelde jaren geleden al dat het niet zozeer gaat om leeftijd, maar om het onderscheid tussen old skool  en new skool commissarissen: oude commissarissen kunnen new skool zijn en jonge commissarissen old skool.

‘Laat je niet gek maken’

Maar die blockchain, scrum en agile dan? Vragen die dan niet om verjonging?  Tja, misschien wordt  het ook tijd om eens wat af te dingen op de hype rond díe begrippen. Natuurlijk is innovatie belangrijk, zowel van product of dienst, als businessmodel. Natuurlijk staan we voor grote veranderingen. Maar gevestigde bedrijven moeten zich niet gek laten maken, aldus John Aurik, managing partner en chairman of the board van A.T. Kearney, eerder dit jaar op een bijeenkomst  van de consultantsorganisatie.

Verbinding tussen bestaand en nieuw

Volgens Aurik zal de digitale revolutie zich langzamer voltrekken dan we denken en zullen gevestigde bedrijven niet en masse omvallen. Ze moeten in beweging komen, zeker, maar de technologie is volgens Aurik slechts de trigger voor transformatie. Bedrijven hoeven niet ineens al het oude overboord te gooien, maar moeten een verbinding  tot stand brengen tussen het bestaande en het nieuwe: de trends naar hun eigen businessmodel vertalen en niet dat van AirBnB en Uber kopiëren, want dat werkt niet. Volgens Aurik krijgen gevestigde  bedrijven daar ook de tijd voor: ‘Het zal zeker tien tot twintig jaar duren voor tachtig procent van de economie de digitale transformatie heeft afgerond.’

Sterktes behouden

Annet Aris (hoogleraar Digitale strategie aan Insead en onder meer commissaris bij ASML en ASR) liet eerder een soortgelijke relativering horen in haar column voor Het Financieele Dagblad. Ze waarschuwde daarin ook voor het ‘klakkeloos overnemen van de ‘new economy’-recepten’. Dat kan volgens haar ‘net zo gevaarlijk zijn als de ogen ervoor sluiten’. Aris schrijft:

‘De grote uitdaging voor dit jaar is dus te bedenken wat de sterktes zijn die je wilt behouden zonder te vervallen in behoudzucht. Is het het vakmanschap dat je gedurende jaren hebt opgebouwd? Het vertrouwen dat klanten en leveranciers in je hebben? De passie voor kwaliteit? Het persoonlijke contact met mensen? De trouw van je medewerkers? Of die irrationale creativiteit die telkens de kop op steekt? Juist deze dingen moeten met hand en tand verdedigd worden en niet het slachtoffer worden van kostenbesparingen, flexibele schillen of zelflerende digitale dienstverlening. U wilt uiteindelijk toch ook liever een elegante dame met klasse en uitstraling worden in plaats van krampachtig met botox, personal trainer en kleding van Forever 21 te proberen er dertig jaar jonger uit te zien?

Niet blindstaren op jong

Het advies van Aurik en Aris laat zich ook goed vertalen naar de raad van commissarissen. Het belang van verbinding tussen bestaand en nieuw vraagt om een raad met jong én oud. Niet alleen maar oud, zeker niet. Maar ons ook niet alleen maar blindstaren op jong. Ook in het toezicht moeten we niet dromen over een total make-over om er per se jonger uit te zien.    

Evenwicht bewaren

Zo’n jonge commissaris (als hij of zij ten minste ook nog eens new skool is) zou misschien wel alles willen blockchainen en scrummen en daarmee de continuïteit op het spel zetten. Een ervaren commissaris heeft al meer hypes  voorbij zien komen (reengineering, millenniumproblematiek), kent de triggerpoints in de bestaande organisatie en kan de continuïteit bewaken (een van de kerntaken). En natuurlijk moet hij of zij daarbij ook openstaan voor verandering. Jong en oud kunnen en moeten  elkaar zelfs aanvullen, om het evenwicht te bewaren.  

Blikverruimers

Toegegeven, dat evenwicht komt voorlopig niet in gevaar, omdat er nu eenmaal weinig jonge toezichthouders in de rvc’s en rvt’s zitting hebben. De onlangs geïntroduceerde Stichting Blikverruimers wil daarin verandering brengen en streeft naar ‘diverser toezicht’: meer jongeren tussen de old boys om zo de gemiddelde leeftijd in het commissariaat naar beneden te krijgen.

De stichting wil dat onder meer bereiken met de Blikverruimers Academie: een opleiding om ‘jonge talenten’ klaar te stomen als ‘toezichthouders van morgen’, met mogelijk een stage bij een raad van commissarissen of toezicht. In het comité van aanbeveling zitten onder anderen Alexander Rinnooy Kan en Margot Scheltema, commissaris bij onder andere De Nederlandsche Bank. Ze is tevens docent aan de opleiding. Ook de meeste andere docenten zijn doorkneed in het toezichtvak. Samen willen ze hun kennis en ervaring overdragen aan de jonge generatie.

Inkapselen in traditionele toezichtmores?

Andersom zou trouwens ook aardig zijn geweest: de oudere generatie een leergang te laten volgen en mee te laten lopen in de werkende levens van young professionals. Je wilt jonge toezichthouders  toch juist om hun frisse blik? Een gevaar is nu misschien dat ze al ingekapseld worden in de traditionele toezichtmores voordat ze de boardroom überhaupt betreden.

Onorthodoxe achtergrond

De eerste leergang telt elf Blikverruimers. Wat valt op? Ja, ze zijn allemaal jong, maar daarnaast hebben sommigen een onorthodoxe achtergrond voor commissarissen en toezichthouders. Het ‘klasje’ telt onder meer  ook een kinderarts, een anesthesioloog en een  manager Duurzaamheid. Eigenlijk lijkt die diversiteit in loopbaanpad de échte meerwaarde. Het gaat in het toezicht niet om leeftijd, maar om diversiteit.

Auteur(s)
Redactie
Dit artikel is gepubliceerd in
GU2016okt

Nationaal Register

Jan van Nassaustraat 93
2596 BR Den Haag
T 070-324 30 91
info@nationaalregister.nl

Volg ons op social media

Governance Update nieuwsbrief