Crisis moet zelfkritisch vermogen bestuurder helpen vergroten

Column

Het rapport van de commissie-De Wit hekelt het gebrek aan zelfkritiek in de financiële sector. Bestuurders moeten hun verantwoordelijkheid leren nemen en openstaan voor de eisen die de samenleving aan hen stelt. Commissarissen moeten leren toezicht houden op zaken die er echt toe doen, bepleit Reinout van Kalleveen, executive coach bij GITP International in zijn column ter gelegenheid van de verschijning van het commissierapport.

Op 10 mei was op teletekst het volgende bericht te lezen:

'Voorzitter De Wit van de commissie die onderzoek heeft gedaan naar de kredietcrisis, heeft bij de presentatie van zijn rapport (Verloren Krediet) uitgehaald naar de financiële sector. Volgens De Wit zijn er onaanvaardbare risico´s genomen en zijn publieke belangen veronachtzaamd. In zijn rapport waarschuwt hij voor herhaling, omdat belangrijke oorzaken nog steeds aanwezig zijn. De Wit hekelde verder het gebrek aan zelfkritiek bij de veroorzakers van de crisis.

Daarmee geeft De Wit aan dat iedereen toezicht kan houden, maar dat toezicht alleen maar effectief kan zijn als de personen of organisaties waarop toezicht wordt gehouden, tegelijkertijd hun verantwoordelijkheid nemen en ervoor zorgen dat er geen ruis zit in de relatie. Er moet sprake zijn van samenspel, niet van eenrichtingsverkeer.

Zoals u weet, heet dat samenspel corporate governance: ondernemingsbestuur, gedefinieerd als het goed, efficiënt en verantwoord leiden van een onderneming. Een definitie die kan worden uitgebreid met het onderhouden van een goede relatie met de grootste belanghebbenden van de onderneming, zoals de aandeelhouders, werknemers, afnemers en de samenleving als geheel.

Vanzelfsprekend is dit een bekende definitie voor u. Maar het venijn zit in de staart: in het woord “samenleving”. Het teletekstbericht vervolgt namelijk: Volgens de commissie zijn de oorzaken die geleid hebben tot de crisis nog niet verdwenen en kunnen ze leiden tot een nieuwe crisis. De effecten op de samenleving daarvan zijn wellicht vele malen groter.  Wie voelt zich voor de samenleving, als geheel, verantwoordelijk? Bent u dat? Is dat de minister-president? Of zijn wij dat met zijn allen?

Wat is verantwoordelijkheid? Bij mij komen daarbij de woorden “plicht”, “rekenschap”, “schuld maar ook “zorg”, naar boven. Woorden die al beter aangeven en nuanceren wat er wordt verlangd van personen en organisaties die hun verantwoording nemen. En dat alles binnen ons normen- en waardepatroon. Waarbij voor normen ook gelezen kan worden welke gedragslijn wij hanteren, met welke toetssteen. Bij waarden wordt het gewicht van dat gedrag bepaald en op zijn merites beoordeeld, wordt de significantie voor de samenleving gewogen.

Die woorden zouden als klankbord kunnen worden teruggegeven aan de veroorzakers van de crisis, die de commissie-De Wit een gebrek aan zelfkritiek (of noem het zelfbewustzijn) verwijt. Want als verantwoordelijkheid wordt vertaald in schuld of zorg, kom je al dichter bij de persoon. De een zorgt voor de ander en maakt daarmee deel uit van de samenleving, de ander is schuldig en moet daarvoor boeten, omdat de samenleving geen baat bij diens gedrag had.

De behoefte aan het stimuleren van de verantwoordelijkheid, het doen van hetgeen van je wordt verwacht binnen onze samenlevingsregels - noem het de behoefte aan zelfbespiegeling of coaching - treedt op als de noodzaak om verschil te maken groter wordt. En dat speelt nu.
Naast het voorhouden van een spiegel – is er sprake van voldoende zelfkritiek? - kan een coach een sparringpartner zijn die ideeën aanreikt voor de manier waarop een bestuurder zijn rol op passende wijze kan spelen. Waarmee ook de commissaris een handreiking wordt gedaan toezicht te houden op die zaken die er echt toe doen.

Er is geen excuus meer te bedenken voor diegenen die een crisis veroorzaken. Want het zijn niet langer primair iemands kwaliteiten die tonen wie je werkelijk bent, maar vooral de keuzes die een ieder maakt. Dat begint al met de bereidheid om verantwoording te nemen, deel te nemen aan het samenspel tussen bestuurder, toezichthouder en samenleving en open te staan voor (zelf)kritiek. “Ik heb geen weet van enige klachten”, zei de Belgische premier Yves Leterme bij de val van zijn kabinet. Als dat ook de opstelling van u als bestuurder of toezichthouder is, dan kan een kredietcrisis ook bij u ontstaan.’

www.gitp.nl/executives

Auteur(s)
Reinout van Kalleveen
Dit artikel is gepubliceerd in
gu2010-05

Nationaal Register

Jan van Nassaustraat 93
2596 BR Den Haag
T 070-324 30 91
info@nationaalregister.nl

Volg ons op social media

Governance Update nieuwsbrief